Een brandmeldinstallatie (BMI) en ontruimingsalarminstallatie (OAI) vormen een essentieel onderdeel van de brandveiligheid binnen een gebouw. Het correct functioneren van deze installaties kan bij een calamiteit het verschil maken tussen een snelle, veilige ontruiming en ernstige gevolgen voor personen en eigendommen. Daarom schrijft de wet- en regelgeving voor dat brandmeld- en ontruimingsinstallaties periodiek moeten worden beheerd, gecontroleerd en onderhouden. Een belangrijke rol hierin is weggelegd voor de Beheerder Brandmeldinstallatie (BBMI). Deze functionaris zorgt ervoor dat de installatie operationeel blijft, controles worden uitgevoerd en eventuele afwijkingen tijdig worden opgepakt.
De eigenaar of gebruiker van een gebouw blijft eindverantwoordelijk voor de brandveiligheid van het gebouw en de aanwezige installaties.
Wanneer een brandmeldinstallatie of ontruimingsalarminstallatie aanwezig is, moet er een verantwoordelijke beheerder worden aangewezen die toezicht houdt op het dagelijks beheer van de installatie.
Deze beheerder fungeert als centraal aanspreekpunt voor alle zaken rondom de brandmeldinstallatie.
De Beheerder Brandmeldinstallatie (BBMI) is verantwoordelijk voor het dagelijks beheer, de controle en de bediening van de brandmeldinstallatie.
De beheerder zorgt ervoor dat:
De beheerder vormt daarmee een belangrijke schakel tussen gebouwbeheer, gebruikers, onderhoudsbedrijven en hulpdiensten.
Het beheer van brandmeld- en ontruimingsinstallaties is vastgelegd in verschillende normen en voorschriften.
Belangrijke uitgangspunten zijn opgenomen in:
Deze normen beschrijven hoe beheer, controle en onderhoud moeten plaatsvinden.
Een brandmeldinstallatie is alleen effectief wanneer deze betrouwbaar functioneert.
Gebrek aan beheer kan leiden tot:
Regelmatige controles zorgen ervoor dat afwijkingen tijdig worden ontdekt en opgelost.
De werkzaamheden van een BBMI bestaan onder andere uit:
De beheerder controleert regelmatig of:
Alle relevante gebeurtenissen worden vastgelegd in een logboek.
Hierin worden onder andere geregistreerd:
Het logboek vormt een belangrijk onderdeel van de beheeradministratie.
Een belangrijk aandachtspunt is het beperken van ongewenste en valse brandmeldingen.
Deze kunnen ontstaan door:
Door actief beheer worden veel onnodige meldingen voorkomen.
De beheerder onderhoudt contact met:
Hierdoor worden onderhoud en storingen adequaat opgevolgd.
Wanneer delen van de installatie tijdelijk buiten bedrijf worden gesteld, bewaakt de beheerder dat passende maatregelen worden genomen.
Hierdoor blijft de brandveiligheid gewaarborgd.
De beheerder is vaak het eerste aanspreekpunt voor:
Een goed geïnformeerde beheerder draagt bij aan een veilige organisatie.
Voor het uitvoeren van de beheertaken is specifieke kennis noodzakelijk.
Tijdens een opleiding Beheerder Brandmeldinstallatie komen onder andere aan bod:
Na afronding beschikt de deelnemer over de benodigde kennis om het dagelijks beheer uit te voeren.
Het dagelijkse beheer kan gedeeltelijk worden ondersteund door externe partijen.
De eindverantwoordelijkheid blijft echter bij de eigenaar of gebruiker van het gebouw.
Ook wanneer onderhoud en controles worden uitbesteed, blijft een interne contactpersoon noodzakelijk.
Naast brandmeldinstallaties moeten ook ontruimingsalarminstallaties worden beheerd.
Belangrijke aandachtspunten zijn:
Hierbij gelden de uitgangspunten uit NEN 2654-2.
Via Certus ondersteunt organisaties bij:
Wij helpen organisaties om hun brandveiligheidsorganisatie aantoonbaar op orde te houden.
Een goed opgeleide en actieve Beheerder Brandmeldinstallatie zorgt ervoor dat brandmeld- en ontruimingsinstallaties betrouwbaar blijven functioneren. Hiermee worden ongewenste meldingen beperkt, storingen sneller opgelost en wordt voldaan aan de geldende wet- en regelgeving.
Brandveiligheid begint niet bij een installatie, maar bij goed beheer van de installatie.